
Wat er in een bestek hoort te staan bij spouwvulling
Een omschrijving die alleen een isolatiewaarde noemt, laat het belangrijkste open. Zes punten die vastleggen wat er werkelijk in de muur komt, en hoe dat wordt aangetoond.
In veel bestekken staat spouwvulling omschreven als een materiaalsoort met een isolatiewaarde. Dat legt vast wat er wordt geleverd, maar niet wat er in de muur terechtkomt, en dat zijn bij een in-situ isolatie twee verschillende dingen.
1. De prestatie, met de bron erbij
Noem de warmtegeleidingscoëfficiënt en de brandklasse met de beoordeling waaruit ze komen. Voor FTX1: lambda 0,034 W/(m·K) en brandklasse A2-s1,d0 volgens EN 13501-1, beproefd volgens EAD 041561-00-1201 en vastgelegd in ETA-23/0018. Een waarde zonder herkomst is bij oplevering niet te toetsen.
2. De te behalen Rd per gevel
Rd volgt uit de gemeten spouwbreedte en is dus niet vooraf één getal voor de hele woning. Schrijf voor dat de spouw per gevel wordt opgenomen en dat de te behalen waarde per gevel wordt vastgelegd, niet als gemiddelde over het project.
3. De opname als verplichting
Leg vast dat de spouw met een endoscoop wordt beoordeeld en dat de vrije ruimte op minimaal vijf punten per gevel wordt gemeten. Zonder die bepaling is een aanname op bouwjaar formeel toegestaan, en dat is precies de aanname die de uitkomst onbetrouwbaar maakt.
4. De eis aan de uitvoerder
Bij een in-situ isolatie is de uitvoering onderdeel van het product: de prestaties uit de beoordeling gelden onder de voorwaarde dat er volgens het verwerkingsvoorschrift wordt gewerkt. Schrijf daarom voor dat het werk wordt uitgevoerd door een bedrijf dat voor dit materiaal is opgeleid en erkend. De achtergrond staat in Waarom niet iedereen kleischuim mag aanbrengen.
5. De randvoorwaarden aan de gevel
Heel voegwerk is een voorwaarde en geen wens: een gevel die water doorlaat droogt na het vullen langzamer. Neem op wie het herstel doet en of het binnen of buiten de opdracht valt, anders komt die vraag op de dag van uitvoering op tafel. Neem ook de verwerkingsomstandigheden op: een luchttemperatuur tussen 5 en 30 graden, en minimaal 3 centimeter vrije ruimte in de spouw.
6. De oplevering
Vraag om een certificaat van uitvoering per woning of per gevel, met het materiaal, de meldcode (voor FTX1 is dat KA22218), het aantal vierkante meters, de gemeten gemiddelde isolatiedikte en de behaalde Rd. Dat document is later het bewijsstuk voor de subsidie, voor het energielabel en voor het dossier van het gebouw.
Wat een omschrijving compleet maakt
De zes punten hierboven hebben één ding gemeen: ze verplaatsen de omschrijving van wat er geleverd wordt naar wat er wordt aangetoond. Bij een materiaal dat pas op de bouwplaats ontstaat, is dat het enige onderscheid dat bij oplevering nog te maken valt.
De documenten waaruit deze bepalingen zijn te citeren, staan bij techniek.
Andere artikelen

Wat spouwvulling met het energielabel doet
Het label wordt berekend, niet gemeten. Daardoor bepaalt niet alleen wat er in de muur zit maar vooral wat daa
Lees verder
Waarom niet iedereen kleischuim mag aanbrengen
De opleidingseis is geen keuze van de fabrikant maar een voorwaarde uit de technische beoordeling. Wat dat bet
Lees verder
Hoe spouwmuurisolatie meetelt in een MPG-berekening
Wanneer een milieuprestatieberekening verplicht is, wat de categorieën 1, 2 en 3 in de Nationale Milieudatabas
Lees verder
Staat uw vraag er niet bij?
Stel hem gerust. Wij beantwoorden vragen over het materiaal en brengen u daarna in contact met een verwerker in uw regio.